2e graad ASO

Latijn

Je combineert een goed geheugen met inzicht, abstractievermogen en interesse voor de bakermat van onze cultuur, je hebt feeling voor talen, beschikt over een ruime interesse en je kan nauwgezet werken.

Het logische vervolg in de derde graad is Latijn-Moderne Talen, Latijn-Wetenschappen of Latijn-Wiskunde.

Lestabel 3e jaar / Latijn Moderne Talen

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
2
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
4
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Latijn

Latijn

In de eerste graad wordt hard gewerkt aan een stevige basis voor Latijnse spraakkunst en het begrijpen en vertalen van Latijnse teksten gaat al aardig.

In het derde jaar concentreren we ons na een grondige herhaling op de zinsstructuur (een hulpmiddel trouwens bij het studeren van alle talen) en de uitbreiding van woordenschat (waarnaar heel wat hedendaagse woorden verwijzen). Daarnaast – maar niet minder belangrijk - geven de teksten een beeld van de mens in de oudheid. Bij vergelijking met een latere periode of onze tijd valt dan op dat naast vanzelfsprekende evoluties de mens zelf wellicht niet zoveel veranderde…
 
Ook in het vierde jaar wordt de taalbasis verstevigd maar lezen we vooral authentieke teksten: Caesar, bij wie we lezen hoe West-Europa in die tijd vorm kreeg; Ovidius die net als vele anderen heeft doorgewerkt in de hele kunstgeschiedenis; Plinius bij wie we o.m. zien dat natuurrampen van alle tijden zijn, enz. Hier groeit ook het besef hoe belangrijk de oudheid is voor ons denken en onze manier van samenleven.
 
In de derde graad maak je kennis met de geschriften van de grote Latijnse auteurs en  op die manier ontdek je de blijvende bijdrage van de Romeinen op het gebied van de filosofie en de rechtswetenschap. Mede als voorbereiding op de Italiëreis komen in de lessen cultuur alle aspecten van het dagelijkse leven in het Oude Rome aan bod.
5
Plastische Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Lestabel 3e jaar / Latijn Wiskunde

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
3
Engels
2
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
5
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Latijn

Latijn

In de eerste graad wordt hard gewerkt aan een stevige basis voor Latijnse spraakkunst en het begrijpen en vertalen van Latijnse teksten gaat al aardig.

In het derde jaar concentreren we ons na een grondige herhaling op de zinsstructuur (een hulpmiddel trouwens bij het studeren van alle talen) en de uitbreiding van woordenschat (waarnaar heel wat hedendaagse woorden verwijzen). Daarnaast – maar niet minder belangrijk - geven de teksten een beeld van de mens in de oudheid. Bij vergelijking met een latere periode of onze tijd valt dan op dat naast vanzelfsprekende evoluties de mens zelf wellicht niet zoveel veranderde…
 
Ook in het vierde jaar wordt de taalbasis verstevigd maar lezen we vooral authentieke teksten: Caesar, bij wie we lezen hoe West-Europa in die tijd vorm kreeg; Ovidius die net als vele anderen heeft doorgewerkt in de hele kunstgeschiedenis; Plinius bij wie we o.m. zien dat natuurrampen van alle tijden zijn, enz. Hier groeit ook het besef hoe belangrijk de oudheid is voor ons denken en onze manier van samenleven.
 
In de derde graad maak je kennis met de geschriften van de grote Latijnse auteurs en  op die manier ontdek je de blijvende bijdrage van de Romeinen op het gebied van de filosofie en de rechtswetenschap. Mede als voorbereiding op de Italiëreis komen in de lessen cultuur alle aspecten van het dagelijkse leven in het Oude Rome aan bod.
5
Plastische Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Lestabel 4e jaar / Latijn Moderne Talen

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
2
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
4
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Latijn

Latijn

In de eerste graad wordt hard gewerkt aan een stevige basis voor Latijnse spraakkunst en het begrijpen en vertalen van Latijnse teksten gaat al aardig.

In het derde jaar concentreren we ons na een grondige herhaling op de zinsstructuur (een hulpmiddel trouwens bij het studeren van alle talen) en de uitbreiding van woordenschat (waarnaar heel wat hedendaagse woorden verwijzen). Daarnaast – maar niet minder belangrijk - geven de teksten een beeld van de mens in de oudheid. Bij vergelijking met een latere periode of onze tijd valt dan op dat naast vanzelfsprekende evoluties de mens zelf wellicht niet zoveel veranderde…
 
Ook in het vierde jaar wordt de taalbasis verstevigd maar lezen we vooral authentieke teksten: Caesar, bij wie we lezen hoe West-Europa in die tijd vorm kreeg; Ovidius die net als vele anderen heeft doorgewerkt in de hele kunstgeschiedenis; Plinius bij wie we o.m. zien dat natuurrampen van alle tijden zijn, enz. Hier groeit ook het besef hoe belangrijk de oudheid is voor ons denken en onze manier van samenleven.
 
In de derde graad maak je kennis met de geschriften van de grote Latijnse auteurs en  op die manier ontdek je de blijvende bijdrage van de Romeinen op het gebied van de filosofie en de rechtswetenschap. Mede als voorbereiding op de Italiëreis komen in de lessen cultuur alle aspecten van het dagelijkse leven in het Oude Rome aan bod.
5
Muzikale Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Lestabel 4e jaar / Latijn Wiskunde

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
3
Engels
2
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
5
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Latijn

Latijn

In de eerste graad wordt hard gewerkt aan een stevige basis voor Latijnse spraakkunst en het begrijpen en vertalen van Latijnse teksten gaat al aardig.

In het derde jaar concentreren we ons na een grondige herhaling op de zinsstructuur (een hulpmiddel trouwens bij het studeren van alle talen) en de uitbreiding van woordenschat (waarnaar heel wat hedendaagse woorden verwijzen). Daarnaast – maar niet minder belangrijk - geven de teksten een beeld van de mens in de oudheid. Bij vergelijking met een latere periode of onze tijd valt dan op dat naast vanzelfsprekende evoluties de mens zelf wellicht niet zoveel veranderde…
 
Ook in het vierde jaar wordt de taalbasis verstevigd maar lezen we vooral authentieke teksten: Caesar, bij wie we lezen hoe West-Europa in die tijd vorm kreeg; Ovidius die net als vele anderen heeft doorgewerkt in de hele kunstgeschiedenis; Plinius bij wie we o.m. zien dat natuurrampen van alle tijden zijn, enz. Hier groeit ook het besef hoe belangrijk de oudheid is voor ons denken en onze manier van samenleven.
 
In de derde graad maak je kennis met de geschriften van de grote Latijnse auteurs en  op die manier ontdek je de blijvende bijdrage van de Romeinen op het gebied van de filosofie en de rechtswetenschap. Mede als voorbereiding op de Italiëreis komen in de lessen cultuur alle aspecten van het dagelijkse leven in het Oude Rome aan bod.
5
Muzikale Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Wetenschappen

Wetenschappen

Je combineert een goed geheugen met inzicht, abstractievermogen en interesse voor wetenschappen en wiskunde, je hebt feeling voor talen, beschikt over een ruime interesse en je kan nauwgezet werken.

Het logische vervolg in de derde graad is  Moderne Talen-Wetenschappen of Wetenschappen-Wiskunde.

Lestabel 3e jaar

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
3
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
5
Aardrijkskunde
1
Biologie
2
Chemie
2
Fysica
2
Plastische Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Lestabel 4e jaar

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
3
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
5
Aardrijkskunde
1
Biologie
2
Chemie
2
Fysica
2
Plastische Opvoeding
1
Informatica
1
Muzikale Opvoeding
1

Humane wetenschappen

Je combineert een goed geheugen met inzicht, abstractievermogen en interesse voor de menselijke factoren en onze samenleving; hoe zitten culturen in elkaar, wat beïnvloedt mensen, hoe beïnvloeden mensen elkaar enz.

Lestabel 3e jaar

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
3
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
4
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Cultuurwetenschappen

Cultuurwetenschappen

In dit vak bestuderen we cultuurfenomenen als uitingen van de mens. Zo maken we kennis met o.a. economie, recht, media, kunst en met de wetenschappen die deze domeinen bestuderen. Observatie en kritische reflectie leiden tot een visie op de samenhang van cultuurverschijnselen met de samenleving waarin ze functioneren.
 
Het derde jaar maakt je vertrouwd met een aantal begrippen en mechanismen i.v.m. cultuur en een aantal wetenschappen die aspecten van cultuur bestuderen. De cultuuroverdracht langs de media – van verhalen over pers tot reclame – is een volgend thema.
 
Het vierde jaar concentreert zich op de thema’s ‘welvaart en welzijn’ en ‘omgaan met kunst’.
 
In het vijfde jaar:
  • Media en samenleving:
    In het thema Cultuuroverdracht en massamedia maak je kennis met het pers- en omroeplandschap in Vlaanderen en met enkele gebruiksvormen. In de derde graad ligt het accent op de maatschappelijke betekenis van de media. Er wordt o.a. onderzocht hoe diverse mechanismen het werkingsproces van de media positief of negatief kunnen beïnvloeden, of hoe overheid en media zich tot elkaar verhouden.
  • Denken over…:
    In dit thema wordt nagedacht over mens, wereld, god en over het denken zelf, zowel in het heden als in het verleden. Zo krijgt dit deel een uitgesproken filosofisch karakter. Vanuit een inleiding op wat filosofie eigenlijk is, of onderwerpen uit de wijsgerige antropologie, sociale filosofie, wetenschapsfilosofie en ethiek leer je hierbij argumenteren en onderzoeksvaardigheden toepassen.
In het zesde jaar:
  • Politiek en recht:
    Dit thema beschrijft twee maatschappelijke velden: het politieke en het juridische veld. Het thema Welvaart en welzijn bevat een summiere beschrijving en situering van diverse maatschappelijke velden als kader voor het socio-economische veld. Als vervolg daarop komen nu twee andere velden meer uitgebreid aan bod. Bijzondere aandacht gaat in dit thema ook naar samenhang binnen en tussen de bestudeerde velden en naar veranderingsprocessen.
  • Kunst en maatschappij:
    In het thema 'Omgaan met kunst' wordt de kunst benaderd vanuit de toeschouwer; we gaan in op de maatschappelijke betekenis van kunst. Aan de hand van voorbeelden uit telkens het heden en het verleden worden diverse functies van kunst gebruikt als invalshoeken voor reflectie, komt de positie van de kunstenaar aan bod en onderzoek je de wederzijdse beïnvloeding van wetenschap/techniek en kunst.
2
Gedragswetenschappen

Gedragswetenschappen

Hier bestuderen we de mens als individu en het samenleven van mensen in een maatschappij. We maken kennis met een aantal visies op mens en samenleving vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines, vooral vanuit de psychologie (wetenschap die de bewustzijnsverschijnselen onderzoekt en tracht te verklaren), sociologie (studie van het maatschappelijk leven van de mens) en antropologie (leer over de oorsprong, het wezen en de bestemming van de mens).
 
In het derde jaar staat de groei van de mens in de verschillende levensfasen centraal.
 
In het vierde jaar gaat de aandacht voornamelijk naar de interactie met de buitenwereld waarin communicatie en gedrag een belangrijke rol spelen (persoonlijke relaties; relatie individu – organisatie).
 
In de derde graad staat de wijze waarop een individu en een samenleving functioneren centraal, evenals de wisselwerking tussen beide. Je  maakt kennis met o.m. interpretatiekaders en verklaringsmodellen uit verschillende wetenschappelijke disciplines - zoals psychologie, sociologie, antropologie - die de studie van mens en samenleving mogelijk maken.
 
In het vijfde jaar:
  • Zichzelf worden en zichzelf zijn:
    Elke persoon probeert zichzelf te worden in zijn zoektocht naar een eigen identiteit. Uiteraard speelt de omgeving maar ook het eigen temperament hierin een belangrijke rol. Via zelfexpressie toont de persoon wie hij is.
  • Zelfkennis, wetenschappelijk en voorwetenschappelijk:
    Doorheen zijn ontwikkeling bouwt de persoon kennis op over zichzelf. Toch leidt zelfkennis nooit tot een objectieve beschrijving van de persoon. De ontwikkeling van zelfkennis is een uitermate complex proces waarin de anderen een zeer belangrijke rol spelen. Die relaties kleuren mee het beeld en de kennis die de persoon gaandeweg over zichzelf ontwikkelt. Anderzijds gebruikt hij die kennis vervolgens in zijn relaties met anderen en om zin en richting te geven aan het eigen leven. De wetenschap kan mensen helpen om op een methodische manier tot zelfbeschrijving te komen.
  • Zichzelf worden, zichzelf zijn: vanzelfsprekend?
    Eigenheid is geen statisch gegeven. Verschillende factoren hebben er hun invloed op, zowel in positieve als in negatieve zin. In dit thema komen diverse factoren aan bod, ook vanuit wetenschappelijke experimenten. Verder behandelt men ook de gevolgen van storende factoren in de ontwikkeling.
In het zesde jaar:
  • Met verschillen samenleven:
    Diversiteit vindt men terug op verschillende niveaus: verschillen tussen individuen, tussen individuen en groepen en tussen groepen onderling. Toenemende globalisering confronteert de hedendaagse mens sterker dan voorheen met diversiteit op verschillende vlakken. Deze confrontatie kan een rijkdom betekenen, maar ook een bron van ergernis.
  • Diversiteit kan leiden tot conflicten:
    Dit thema behandelt de impact voor individu, groep en maatschappij als men niet met de diversiteit kan omgaan. Er ontstaan spanningen en conflicten op persoonlijk vlak, binnen de groep en binnen de maatschappij.
3
Plastische Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Lestabel 4e jaar

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
2
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
4
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Cultuurwetenschappen

Cultuurwetenschappen

In dit vak bestuderen we cultuurfenomenen als uitingen van de mens. Zo maken we kennis met o.a. economie, recht, media, kunst en met de wetenschappen die deze domeinen bestuderen. Observatie en kritische reflectie leiden tot een visie op de samenhang van cultuurverschijnselen met de samenleving waarin ze functioneren.
 
Het derde jaar maakt je vertrouwd met een aantal begrippen en mechanismen i.v.m. cultuur en een aantal wetenschappen die aspecten van cultuur bestuderen. De cultuuroverdracht langs de media – van verhalen over pers tot reclame – is een volgend thema.
 
Het vierde jaar concentreert zich op de thema’s ‘welvaart en welzijn’ en ‘omgaan met kunst’.
 
In het vijfde jaar:
  • Media en samenleving:
    In het thema Cultuuroverdracht en massamedia maak je kennis met het pers- en omroeplandschap in Vlaanderen en met enkele gebruiksvormen. In de derde graad ligt het accent op de maatschappelijke betekenis van de media. Er wordt o.a. onderzocht hoe diverse mechanismen het werkingsproces van de media positief of negatief kunnen beïnvloeden, of hoe overheid en media zich tot elkaar verhouden.
  • Denken over…:
    In dit thema wordt nagedacht over mens, wereld, god en over het denken zelf, zowel in het heden als in het verleden. Zo krijgt dit deel een uitgesproken filosofisch karakter. Vanuit een inleiding op wat filosofie eigenlijk is, of onderwerpen uit de wijsgerige antropologie, sociale filosofie, wetenschapsfilosofie en ethiek leer je hierbij argumenteren en onderzoeksvaardigheden toepassen.
In het zesde jaar:
  • Politiek en recht:
    Dit thema beschrijft twee maatschappelijke velden: het politieke en het juridische veld. Het thema Welvaart en welzijn bevat een summiere beschrijving en situering van diverse maatschappelijke velden als kader voor het socio-economische veld. Als vervolg daarop komen nu twee andere velden meer uitgebreid aan bod. Bijzondere aandacht gaat in dit thema ook naar samenhang binnen en tussen de bestudeerde velden en naar veranderingsprocessen.
  • Kunst en maatschappij:
    In het thema 'Omgaan met kunst' wordt de kunst benaderd vanuit de toeschouwer; we gaan in op de maatschappelijke betekenis van kunst. Aan de hand van voorbeelden uit telkens het heden en het verleden worden diverse functies van kunst gebruikt als invalshoeken voor reflectie, komt de positie van de kunstenaar aan bod en onderzoek je de wederzijdse beïnvloeding van wetenschap/techniek en kunst.
2
Gedragswetenschappen

Gedragswetenschappen

Hier bestuderen we de mens als individu en het samenleven van mensen in een maatschappij. We maken kennis met een aantal visies op mens en samenleving vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines, vooral vanuit de psychologie (wetenschap die de bewustzijnsverschijnselen onderzoekt en tracht te verklaren), sociologie (studie van het maatschappelijk leven van de mens) en antropologie (leer over de oorsprong, het wezen en de bestemming van de mens).
 
In het derde jaar staat de groei van de mens in de verschillende levensfasen centraal.
 
In het vierde jaar gaat de aandacht voornamelijk naar de interactie met de buitenwereld waarin communicatie en gedrag een belangrijke rol spelen (persoonlijke relaties; relatie individu – organisatie).
 
In de derde graad staat de wijze waarop een individu en een samenleving functioneren centraal, evenals de wisselwerking tussen beide. Je  maakt kennis met o.m. interpretatiekaders en verklaringsmodellen uit verschillende wetenschappelijke disciplines - zoals psychologie, sociologie, antropologie - die de studie van mens en samenleving mogelijk maken.
 
In het vijfde jaar:
  • Zichzelf worden en zichzelf zijn:
    Elke persoon probeert zichzelf te worden in zijn zoektocht naar een eigen identiteit. Uiteraard speelt de omgeving maar ook het eigen temperament hierin een belangrijke rol. Via zelfexpressie toont de persoon wie hij is.
  • Zelfkennis, wetenschappelijk en voorwetenschappelijk:
    Doorheen zijn ontwikkeling bouwt de persoon kennis op over zichzelf. Toch leidt zelfkennis nooit tot een objectieve beschrijving van de persoon. De ontwikkeling van zelfkennis is een uitermate complex proces waarin de anderen een zeer belangrijke rol spelen. Die relaties kleuren mee het beeld en de kennis die de persoon gaandeweg over zichzelf ontwikkelt. Anderzijds gebruikt hij die kennis vervolgens in zijn relaties met anderen en om zin en richting te geven aan het eigen leven. De wetenschap kan mensen helpen om op een methodische manier tot zelfbeschrijving te komen.
  • Zichzelf worden, zichzelf zijn: vanzelfsprekend?
    Eigenheid is geen statisch gegeven. Verschillende factoren hebben er hun invloed op, zowel in positieve als in negatieve zin. In dit thema komen diverse factoren aan bod, ook vanuit wetenschappelijke experimenten. Verder behandelt men ook de gevolgen van storende factoren in de ontwikkeling.
In het zesde jaar:
  • Met verschillen samenleven:
    Diversiteit vindt men terug op verschillende niveaus: verschillen tussen individuen, tussen individuen en groepen en tussen groepen onderling. Toenemende globalisering confronteert de hedendaagse mens sterker dan voorheen met diversiteit op verschillende vlakken. Deze confrontatie kan een rijkdom betekenen, maar ook een bron van ergernis.
  • Diversiteit kan leiden tot conflicten:
    Dit thema behandelt de impact voor individu, groep en maatschappij als men niet met de diversiteit kan omgaan. Er ontstaan spanningen en conflicten op persoonlijk vlak, binnen de groep en binnen de maatschappij.
3
Muzikale Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Economie

Je combineert een goed geheugen met inzicht, abstractievermogen en interesse voor het economisch aspect in onze maatschappij; je hebt feeling voor talen, beschikt over een ruime interesse en je kan nauwgezet werken.

Het logische vervolg in de derde graad is Economie-Moderne Talen of Economie-Wiskunde.

Lestabel 3e jaar / Economie - Moderne Talen

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
3
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
4
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Economie

Economie

Economie is de studie van 'huishouding'. Een soort huishouding kennen we allemaal, nl. het gezin met zijn uitgaven en inkomsten. Ook de bedrijven en de overheid hebben zo'n huishouding. Op nog breder niveau is er internationale samenwerking en spreken we over wereldhandel. Op die manier kunnen we een verband zien tussen de gezinshuishouding en de wereldhandel. Het economisch gebeuren wordt samengevat in de economische kringloop, een overzicht van de weg die goederen en gelden afleggen.
 
In het derde jaar gaan we in op alle aspecten van ondernemen zoals blijkt uit de 3 thema's die behandeld worden:
  • de kern van het ondernemen
  • werken in de onderneming
  • ondernemen is risico's nemen en beheersen

In het vierde jaar komen volgende thema's aan bod:

  • waarom zijn sommige bedrijven groot en blijven andere klein
  • werken voor de wereldmarkt
  • groei en welvaart
  • ethisch ondernemen: het te verwachten ondernemingsgedrag
 
In de derde graad wordt de leerstof economie opgedeeld in het deelgebied algemene economie en het deelgebied bedrijfswetenschappen.
  • Algemene economie
    Waar het in de tweede graad vooral belangrijk was inzicht te verwerven in de wereld waarin we leven, krijgt de leerstof algemene economie in de derde graad een meer analytisch karakter. Je krijgt inzicht in de kracht en de beperkingen van het economisch marktsysteem en in het feit waarom bepaalde economieën beter zijn dan andere in het creëren van welvaart en de verdeling ervan. Hierbij komen volgende thema's aan bod:
    • in het vijfde jaar maken we een micro-economische (op het niveau van bedrijven en gezinnen) en een macro-economische analyse (op nationaal niveau)
    • in het zesde jaar worden de nationale economie (met o.m. de ontwikkeling van het BBP, conjunctuurschommelingen en de overheidsmaatregelen om die schommelingen bij te sturen en het geldsysteem) en de internationale economie (het internationaal handelsverkeer en het internationaal betalingsverkeer) behandeld
  • Bedrijfswetenschappen
    Om de verschillende aspecten van het ondernemen met elkaar in verband te brengen, wordt vertrokken van de 'stakeholderstheorie' waarbij een bedrijf wordt beschouwd als een netwerk van relaties die samen de missie en de doelstellingen van de onderneming bepalen.
    De leerstof bedrijfswetenschappen wil aanknopingspunten bieden met deze nieuwe ontwikkelingen in het bedrijfsleven en daarbij komen volgende thema's aan bod: ondernemen is
    • een visie ontwikkelen
    • toegevoegde waarde creëren
    • is samenwerken
    • de toegevoegde waarde verdelen
    • de prestaties evalueren
4
Plastische Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Lestabel 3e jaar / Economie - Wiskunde

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
3
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
5
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Economie

Economie

Economie is de studie van 'huishouding'. Een soort huishouding kennen we allemaal, nl. het gezin met zijn uitgaven en inkomsten. Ook de bedrijven en de overheid hebben zo'n huishouding. Op nog breder niveau is er internationale samenwerking en spreken we over wereldhandel. Op die manier kunnen we een verband zien tussen de gezinshuishouding en de wereldhandel. Het economisch gebeuren wordt samengevat in de economische kringloop, een overzicht van de weg die goederen en gelden afleggen.
 
In het derde jaar gaan we in op alle aspecten van ondernemen zoals blijkt uit de 3 thema's die behandeld worden:
  • de kern van het ondernemen
  • werken in de onderneming
  • ondernemen is risico's nemen en beheersen

In het vierde jaar komen volgende thema's aan bod:

  • waarom zijn sommige bedrijven groot en blijven andere klein
  • werken voor de wereldmarkt
  • groei en welvaart
  • ethisch ondernemen: het te verwachten ondernemingsgedrag
 
In de derde graad wordt de leerstof economie opgedeeld in het deelgebied algemene economie en het deelgebied bedrijfswetenschappen.
  • Algemene economie
    Waar het in de tweede graad vooral belangrijk was inzicht te verwerven in de wereld waarin we leven, krijgt de leerstof algemene economie in de derde graad een meer analytisch karakter. Je krijgt inzicht in de kracht en de beperkingen van het economisch marktsysteem en in het feit waarom bepaalde economieën beter zijn dan andere in het creëren van welvaart en de verdeling ervan. Hierbij komen volgende thema's aan bod:
    • in het vijfde jaar maken we een micro-economische (op het niveau van bedrijven en gezinnen) en een macro-economische analyse (op nationaal niveau)
    • in het zesde jaar worden de nationale economie (met o.m. de ontwikkeling van het BBP, conjunctuurschommelingen en de overheidsmaatregelen om die schommelingen bij te sturen en het geldsysteem) en de internationale economie (het internationaal handelsverkeer en het internationaal betalingsverkeer) behandeld
  • Bedrijfswetenschappen
    Om de verschillende aspecten van het ondernemen met elkaar in verband te brengen, wordt vertrokken van de 'stakeholderstheorie' waarbij een bedrijf wordt beschouwd als een netwerk van relaties die samen de missie en de doelstellingen van de onderneming bepalen.
    De leerstof bedrijfswetenschappen wil aanknopingspunten bieden met deze nieuwe ontwikkelingen in het bedrijfsleven en daarbij komen volgende thema's aan bod: ondernemen is
    • een visie ontwikkelen
    • toegevoegde waarde creëren
    • is samenwerken
    • de toegevoegde waarde verdelen
    • de prestaties evalueren
4
Plastische Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Lestabel 4e jaar / Economie - Moderne Talen

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
3
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
4
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Economie

Economie

Economie is de studie van 'huishouding'. Een soort huishouding kennen we allemaal, nl. het gezin met zijn uitgaven en inkomsten. Ook de bedrijven en de overheid hebben zo'n huishouding. Op nog breder niveau is er internationale samenwerking en spreken we over wereldhandel. Op die manier kunnen we een verband zien tussen de gezinshuishouding en de wereldhandel. Het economisch gebeuren wordt samengevat in de economische kringloop, een overzicht van de weg die goederen en gelden afleggen.
 
In het derde jaar gaan we in op alle aspecten van ondernemen zoals blijkt uit de 3 thema's die behandeld worden:
  • de kern van het ondernemen
  • werken in de onderneming
  • ondernemen is risico's nemen en beheersen

In het vierde jaar komen volgende thema's aan bod:

  • waarom zijn sommige bedrijven groot en blijven andere klein
  • werken voor de wereldmarkt
  • groei en welvaart
  • ethisch ondernemen: het te verwachten ondernemingsgedrag
 
In de derde graad wordt de leerstof economie opgedeeld in het deelgebied algemene economie en het deelgebied bedrijfswetenschappen.
  • Algemene economie
    Waar het in de tweede graad vooral belangrijk was inzicht te verwerven in de wereld waarin we leven, krijgt de leerstof algemene economie in de derde graad een meer analytisch karakter. Je krijgt inzicht in de kracht en de beperkingen van het economisch marktsysteem en in het feit waarom bepaalde economieën beter zijn dan andere in het creëren van welvaart en de verdeling ervan. Hierbij komen volgende thema's aan bod:
    • in het vijfde jaar maken we een micro-economische (op het niveau van bedrijven en gezinnen) en een macro-economische analyse (op nationaal niveau)
    • in het zesde jaar worden de nationale economie (met o.m. de ontwikkeling van het BBP, conjunctuurschommelingen en de overheidsmaatregelen om die schommelingen bij te sturen en het geldsysteem) en de internationale economie (het internationaal handelsverkeer en het internationaal betalingsverkeer) behandeld
  • Bedrijfswetenschappen
    Om de verschillende aspecten van het ondernemen met elkaar in verband te brengen, wordt vertrokken van de 'stakeholderstheorie' waarbij een bedrijf wordt beschouwd als een netwerk van relaties die samen de missie en de doelstellingen van de onderneming bepalen.
    De leerstof bedrijfswetenschappen wil aanknopingspunten bieden met deze nieuwe ontwikkelingen in het bedrijfsleven en daarbij komen volgende thema's aan bod: ondernemen is
    • een visie ontwikkelen
    • toegevoegde waarde creëren
    • is samenwerken
    • de toegevoegde waarde verdelen
    • de prestaties evalueren
4
Muzikale Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2

Lestabel 4e jaar / Economie - Wiskunde

Godsdienst
2
Nederlands
4
Frans
4
Engels
2
Duits
1
Geschiedenis
2
Wiskunde
5
Aardrijkskunde
1
Biologie
1
Chemie
1
Fysica
1
Economie

Economie

Economie is de studie van 'huishouding'. Een soort huishouding kennen we allemaal, nl. het gezin met zijn uitgaven en inkomsten. Ook de bedrijven en de overheid hebben zo'n huishouding. Op nog breder niveau is er internationale samenwerking en spreken we over wereldhandel. Op die manier kunnen we een verband zien tussen de gezinshuishouding en de wereldhandel. Het economisch gebeuren wordt samengevat in de economische kringloop, een overzicht van de weg die goederen en gelden afleggen.
 
In het derde jaar gaan we in op alle aspecten van ondernemen zoals blijkt uit de 3 thema's die behandeld worden:
  • de kern van het ondernemen
  • werken in de onderneming
  • ondernemen is risico's nemen en beheersen

In het vierde jaar komen volgende thema's aan bod:

  • waarom zijn sommige bedrijven groot en blijven andere klein
  • werken voor de wereldmarkt
  • groei en welvaart
  • ethisch ondernemen: het te verwachten ondernemingsgedrag
 
In de derde graad wordt de leerstof economie opgedeeld in het deelgebied algemene economie en het deelgebied bedrijfswetenschappen.
  • Algemene economie
    Waar het in de tweede graad vooral belangrijk was inzicht te verwerven in de wereld waarin we leven, krijgt de leerstof algemene economie in de derde graad een meer analytisch karakter. Je krijgt inzicht in de kracht en de beperkingen van het economisch marktsysteem en in het feit waarom bepaalde economieën beter zijn dan andere in het creëren van welvaart en de verdeling ervan. Hierbij komen volgende thema's aan bod:
    • in het vijfde jaar maken we een micro-economische (op het niveau van bedrijven en gezinnen) en een macro-economische analyse (op nationaal niveau)
    • in het zesde jaar worden de nationale economie (met o.m. de ontwikkeling van het BBP, conjunctuurschommelingen en de overheidsmaatregelen om die schommelingen bij te sturen en het geldsysteem) en de internationale economie (het internationaal handelsverkeer en het internationaal betalingsverkeer) behandeld
  • Bedrijfswetenschappen
    Om de verschillende aspecten van het ondernemen met elkaar in verband te brengen, wordt vertrokken van de 'stakeholderstheorie' waarbij een bedrijf wordt beschouwd als een netwerk van relaties die samen de missie en de doelstellingen van de onderneming bepalen.
    De leerstof bedrijfswetenschappen wil aanknopingspunten bieden met deze nieuwe ontwikkelingen in het bedrijfsleven en daarbij komen volgende thema's aan bod: ondernemen is
    • een visie ontwikkelen
    • toegevoegde waarde creëren
    • is samenwerken
    • de toegevoegde waarde verdelen
    • de prestaties evalueren
4
Muzikale Opvoeding
1
Informatica
1
Lichamelijke Opvoeding
2